Eric van der Steen  |
 |
Eric van der Steen werkte in diverse redactionele functies gedurende zestien jaar voor het beursgenoteerde Wolters Kluwer. Thans is hij hoofdredacteur van Telecommagazine en Storage Magazine, twee onafhankelijke vaktijdschriften die worden uitgegeven door Array Publications. Eric is getrouwd en heeft drie kinderen. Hij houdt van zwemmen en doet aan cardiofitness. |
05 juli 2010 - Best effort
Live streaming blijft behelpen. Op onze salesafdeling stond het al 2-0 voor Oranje, terwijl men er in de directiekamer pas twee minuten later achter kwam dat Dirk Kuyt had gescoord tegen Denemarken. Maar er is hoop.
Streaming video via internet op tv of pc is nog altijd een best effort dienst: je hebt als gebruiker geen garantie dat de beelden op tijd en zonder kwaliteitsverlies op het scherm verschijnen. Voor telecombedrijven is dit een dilemma: investeren in bandbreedte om de kwaliteit te verbeteren kost veel geld, maar levert onvoldoende op. TNO-experts ontwikkelden een methode om on-demand video te distribueren die efficiënter is en meer waarde creëert. TNO deed dat in een consortium met operators KPN, BT, Telefónica, France Telecom en Deutsche Telekom, het Belgische onderzoeksinstituut IBBT en de Universiteit van Zaragoza.
Quality of service
Het project RUBENS (Re-thinking the Use of Broadband Access for Experience Optimized Networks and Services) stond onder leiding van Alcatel-Lucent. “We hebben voor een totaal andere benadering gekozen dan tot nog toe gebruikelijk was”, vertellen Pieter Nooren en Kamal Ahmed, twee van de twaalf TNO'ers die aan het project meewerkten. “Om video in goede kwaliteit bij de gebruiker af te leveren, gaan telco's gewoonlijk uit van de techniek. Het klassieke sleutelwoord hierbij is quality of service (QoS): zijn er geen storende blokjes in beeld? Is het geluid in orde? Wij hebben een stuk breder gekeken vanuit de verwachtingen van de eindgebruiker. Die moet kunnen bepalen wat hij of zij wil zien, op welk tijdstip en in welke kwaliteit, kortom de totale gebruikerservaring. We hebben gezocht naar de optimale balans tussen techniek en deze quality of experience.”
Caching
De kern van de oplossing die TNO ontwikkelde, is meer intelligentie in het netwerk inbouwen. In de traditionele over the top distributie van on-demand video, zoals bij YouTube, weet het netwerk niet dat het video transporteert en al helemaal niet welke. Voor het netwerk is YouTube één van de vele toepassingen op het internet. In de RUBENS-aanpak zijn toepassing en netwerk samen verantwoordelijk voor de kwaliteit, weet het netwerk om welke content het gaat en kan het de kwaliteit voor de eindgebruiker garanderen. Dat betekent een betere gebruikerservaring voor de klant en voor de operator is er geld te verdienen aan kwalitatief hoogwaardige video. “Wat we hebben gedaan is video content zoals nieuws, sport en films opsplitsen in fragmenten, zoals nieuwsitems en scènes. Gebruikers geven hun voorkeuren op en zo ontstaan persoonlijke profielen: nieuws met nadruk op binnenland, of een sportuitzending met veel buitenlands voetbal. Door op strategische plekken in het netwerk content op te slaan, oftewel caching, wordt het mogelijk gevraagde videobeelden op het gewenste moment en in de gewenste kwaliteit te streamen naar de klant.”
Nieuwe architectuur
TNO heeft deze benadering uitgebreid besproken met omroepen en andere partijen uit de content waardeketen, zoals NPO, EO, RTL Nederland, Philips en Jet-Stream om te bepalen waar voor hen de toegevoegde waarde van de RUBENS-aanpak zit. In de RUBENS Content Delivery Network-architectuur kiest de klant wat hij wil zien, hoe laat en in welke kwaliteit. Het netwerk kijkt vervolgens of dit mogelijk is en meldt zo nodig terug dat de klant de video nu in gewone kwaliteit kan krijgen, of pas kan zien over tien minuten maar dan in high definition kwaliteit. Nooren en Ahmed: “De keuzevrijheid wordt veel groter voor de klant. Nu kan het netwerk iets wel of niet transporteren, afhankelijk van de netwerkbelasting op dat moment. De combinatie tussen transport en caching biedt daarentegen veel meer mogelijkheden. Achter deze methode hebben we een compleet nieuwe architectuur gebouwd. Het is aan de operators dit te gaan toepassen, maar de oplossing ligt er.”
Een kanttekening is hier op zijn plaats. “De Y-Generatie, de jongeren die zijn geboren tussen grofweg 1975 en 2000, kiezen vooral op basis van beschikbaarheid en gemak het communicatiemiddel”, zo valt te lezen in het boek De Y-Generatie en het bedrijfsnetwerk, uitgegeven door NiVo network architects. Kwaliteit van het gesprek of van het communicatiekanaal is van ondergeschikt belang. Zolang je elkaar maar op een snelle en makkelijke manier kan bereiken, mag de kwaliteit laag zijn. Soms is best effort dus goed genoeg...
Bron: Nieuwsbrief TNO, nummer 2, 2010. Lees het bericht ook hier.